vorige pagina
La Grande Borne
Naam Anthriscus cerefolium
Kervel
Familie Umbelliferae
Schermbloemigen
Categorie (tbv rotatieschema) Bladgroenten
Land/Gebied van herkomst Zuid-Europa
West–Azië
 
Hou je ook van anijs, dan ben ik er zeker van dat je de smaak van kervel zal waarderen. Niet voor niets is dit keukenkruid enorm populair in de vermaarde Franse keuken. Men kan er ook zoveel mee doen: warme sauzen, soepen, dipsausjes, schotels versieren, kervel past hier overal prima bij.
Deze inheemse plant is afkomstig van de landen rond de Middellandse zee en West–Azië en werd door de Romeinen naar het noorden meegebracht. Deze laatste gebruikten kervel vooral als geneesmiddel. In de middeleeuwen trof men dit kruid aan in onze kloostertuinen. Kervel werd in de christelijke ritus gebruikt voor het bereiden van de maaltijden tijdens de goede week, de zuiverende en reinigende eigenschappen speelden een symbolische rol tijdens deze prepaasvieringen. Kervel die een winterharde plant is en familie van peterselie en hierdoor tot de familie van de schermbloemigen behoort is een tweejarige plant maar wordt als éénjarig geteeld. Deze tot 70 cm hoge plant met samengestelde bladeren die onderaan zacht behaard aanvoelen geeft witte bloemen. Op het moment van de bloei verliest de plant zo goed als volledig zijn aroma.

Roomse kervel (Myrrhis odorata) is een doorlevende variant van dit tuinkruid met een nog meer uitgesproken zoeterige anijsachtige smaak en de witte bloemen ruiken zoet. De varenachtige bladeren zijn wel veel groter dan van de gewone kervel. Het voordeel van deze plant is dat ze steeds ter plaatse mag blijven staan en niet ieder jaar gezaaid of herplant dient te worden. De grote zwarte zaden worden gebruikt om salades te kruiden en om de vermaarde chartreuse te voorzien van het nodige aroma. In vroegere tijden werden de zaden in Engeland gebruikt om eiken meubelen te boenen en geurig te maken.
Het kiemen van deze zaden kan lang op zich laten wachten en ze worden ook wel eens “vorstkiemers” genoemd, d.w.z. dat de zaden tijdens of voor het zaaien een vorstbehandeling moeten krijgen om de kieming te vergemakkelijken. Men kan deze plant ook in tuincentra aanschaffen.
 
Standplaats
Kervel vraagt om een vochtige, goed doorlaatbare en humusrijke grond en een licht beschaduwde plaats. Wanneer je voldoende organische meststoffen vóór de teelt inwerkt is een rijkelijke oogst gegarandeerd.

 

Opkweek

•  Teelt in de volle grond:
Vanaf maart kan men beginnen met buiten zaaien, dit tot ver in de zomer. Zaai om de 8 weken wil je steeds verse kervel voorhanden hebben. Zaai de lange, dunne en zwarte zaden(1cm) niet te dicht op de rij, dit laatste is nodig om mooie, kloeke planten te bekomen. Je kan zowel breedwerpig als in lijnen zaaien met een tussenafstand van 15 à 20 cm . Bedek de zaden na de uitzaai met een dun laagje dekgrond. Hou de grond vochtig tot de kieming door alles af te dekken met geperforeerde plastiekfolie of door gebruik te maken van een vochtige jutedoek.

•  Teelt binnenshuis
Dit kan in bakjes of in grote bloempotten waarin men een voedzame potgrond doet. Potscherven onderaan de zaai recipiënt zorgt voor een goede afwatering. Het zaaien kan vanaf oktober en dit op dezelfde wijze als hierboven aangehaald. Zet ze na de kieming op een zonnige en zo klaar mogelijke plaats. Opletten dat je niet teveel water ineens geeft en dat de zaaiteil niet te vochtig staat anders zouden de jonge plantjes wel eens kunnen geplaagd worden door smeul . Dit is een kiemschimmel die de plantjes doet wegrotten. Deze teeltwijze kan binnenshuis gebeuren of in een hobbyserre. Bij het verschijnen van de eerste bloeistengels is het best de kervel op te ruimen daar hij dan zijn typische smaak kwijtraakt, dit geld evenwel niet voor de Roomse kervel die steeds ter plaatse mag blijven staan, deze kan men vrijwel gans het jaar oogsten.


TIP: oogst de bladeren door ze 5 cm boven de grond met een scherp mes af te snijden zo kan je vele malen na elkaar oogsten.
 
Gebruik in de keuken
De malse, jonge blaadjes worden gebruikt in soepen, salades, sausen en in omelet, de stengels worden evenwel verwijderd. Gebruik steeds vers geplukte kervel deze nooit laten meekoken anders verliest hij zijn aroma. Dus alleen op het einde van de bereiding toevoegen! Gedroogde kervel heeft weinig of geen smaak. Kervel kan wel ingevroren worden en behoud zijn aromatische eigenschappen. In vissausen is de smaak van kervel subliem. Uw vlees – en visschotels gaan een perfect huwelijk aan met kervel, dit laatste hier wel als versiering, want zeg nu zelf: het oog wil ook wat!
Roomse kervelblaadjes kunnen om dezelfde manier verwerkt worden als de gewone. De peenachtige wortels van dit kruid kunnen evenwel als gekookte groente gegeten worden en afgewerkt met een botersausje staat men versteld hoe lekker die wel smaakt. Ook zijn de wortels rauw geraspt lekker wanneer men ze mengt in groene slaatjes al dan niet met Franse sladressing.
De grote zwarte zaden kan men in zijn geheel of geplet verwerken in appeltaart wat ook hier een uitzonderlijk aroma geeft.
 
 
Kervel, Gewone. Kervel (Anthriscus cerefolium) is een heerlijk kruid, waarvan u regelmatig blad kunt plukken. De planten groeien na het plukken snel weer aan. Kervel is lekker in soepen, ei-, vlees- en kaasgerechten en bij komkommer en doperwten. Het is een mooi, fijnbladig gewas dat 40-60 cm hoog wordt. Zaaien: van maart tot half augustus in de vollegrond. Deze moet voldoende vochtig en humusrijk zijn. Zoek wel een zonnige plek uit. Zaai niet op een zwaarbemeste bodem, dan wordt het gewas lang en slap. Zaai op regels (of rijen) met een onderlinge afstand van 15 cm. Bij vroege zaai gaan de planten in juli bloeien, bij late zaai pas het volgende jaar. De bloeischermen zijn niet echt opvallend, met gelig-witte bloemen. Oogst: vanaf ca. 5 weken na het zaaien kunt u regelmatig blad snijden.

Het verschil tussen kervel en roomse kervel
Anthriscus cerefolium -
Gewone (echte) kervel
Eenjarig Toepassing: blad en zaad.
Myrrhis odorata -
Roomse kervel
Vaste plant, kan uitgegroeid 2 keer zo hoog worden als de gewone. Toepassing: blad, wortel en zaad.

Myrrhis odorata, Roomse Kervel, is niet hetzelfde als echte kervel, de geur en smaak is veel meer anijsachtig, het reusachtige blad lijkt wat op varenblad. In restaurants wordt het vaak gebruikt voor decoratie of kruidenboter. Het hoort officieel niet in Kervelsoep. Daar moet je echte kervel voor hebben, een eenjarige plant. Desondanks ken ik veel mensen die er soep van maken (Myrrhis odorata) en ik heb het zelf ook al gedaan. Het voordeel van Myrrhis odorata is dat het een vaste plant is waar je vrijwel jaarrond blad van kunt oogsten.

Stekken is niet de manier om een schermbloemige te vermeerderen. Je kunt ze soms vermeerderen door scheuren, maar de beste manier is zaaien. Het probleem is dat zaadfirma's er geen rekening mee houden dat je het zaad van schermbloemigen vers moet zaaien. Je kunt met name Myrrhis odorata zaad bijna niet bewaren. Als de plant bij een bekende in de tuin staat kun je meestal in de buurt wel een paar zaailingen uitsteken.

Myrrhis odorata mag in de volle schaduw staan, mocht er roest in komen snij dan het blad tot de grond terug