vorige pagina
La Grande Borne
Naam Salvia officinalis
Salie
Familie Lamiaceae
Lipbloemen
Categorie (tbv rotatieschema)  
Land/Gebied van herkomst Zuid-Europa
 
De Latijnse werkwoordsvorm voor Salie is “salvare” en vertaald is dat genezen, helen of zelfs redden, en Salie zelf betekent: “heil of redding”. Eeuwenlang werd Salie als een wonderplant beschouwd. Gaan we nu even een stukje terug in de tijd? Van origine was Salie terug te vinden rond de Middellandse Zee bij de Grieken en de Romeinen. De Romeinen brachten het mee naar onze streken. Het kruid was hoog in aanzien bij deze laatste eerder als geneeskrachtige plant dan als keukenkruid. Het had enerzijds de kracht om levens te redden (genezing) maar speelde ook een rol bij het ontstaan van nieuw leven (vruchtbaarheidsdrank): het werd als dusdanig met de nodige ceremoniën geoogst, zonder ijzeren gereedschap. In de Middeleeuwen was Salie het middel tegen cholera en de pest. Verder in de tijd, spreken we hier van de 17de en 18de eeuw, was Salie een uitstekend ruilmiddel bij onze Nederlandse buren, in het verre Oosten ruilden ze de Salieblaadjes voor theeblaadjes.

Salie veelzijdig, want ook in de keuken is dit een gegeerd kruid, dit vooral om de gerechten beter verteerbaar te maken , zowel bij vis- als vleesgerechten, echter wel laag gedoseerd gebruiken en met zo weinig mogelijk andere kruiden gecombineerd, dit om de eigen smaak volledig tot zijn recht te laten komen. Ons kruid is een bladhoudende vaste plant met een sterke geur en wrange smaak. De vierkantige vorm van de stengel verraadt dat deze plant tot de familie der “Lipbloemigen” behoort. De Romeinen brachten er reeds hun kazen mee op smaak. Gedroogd en ingevroren bewaart Salie goed zijn aroma!
 
Standplaats
Een vast kruidachtig struikje uit de Lipbloemenfamilie, wordt 30 tot 80 cm hoog, met een voorkeur voor kalkhoudende grond en een zonnig klimaat, alhoewel Salie in Nederland winterhard is. Uit een penwortel groeien vierkante stengels, die aan de onderkant snel verhouten. De gesteelde, kruisgewijs geplaatste bladeren zijn langwerpig, ovaal toegespitst, ze zijn leerachtig en lijken kleine bobbeltjes te hebben, ze zijn behaard en de randen zijn licht gekarteld en fraai grijsgroen van kleur (er bestaan ook gekweekte vormen met mooi, paarsachtig gekleurde bladeren, die een zeer sterk geneeskrachtige werking hebben). De violetpaarse bloemen zitten in schijnkransen van 4 tot 8 aan de top van de stengel. De bloemen worden intensief bezocht door bijen en hommels.

click picture to enlarge
Opkweek
Zaaien kan men in maart onder glas. Verspenen in potjes en eind mei uitplanten in open lucht. Zaaien is wel de minst gebruikte wijze om nieuwe plantjes te bekomen. Stekken daarentegen is veel geliefder en efficiënter. Dit doet men door kruidachtige kopstekken te nemen in de maand september, onder dubbel glas of plastiekfolie. Na inwortelen van de stekken oppotten en de stekken laten overwinteren op een beschutte plaats buiten. In de late lente kan men de stekken uitplanten, dit op een afstand van 50 cm.

Salie is weinig onderhevig aan ziekten of insecten en daardoor een gemakkelijk te telen plant.

TIP: door de topscheuten regelmatig weg te knippen - voor gebruik in keuken,...- blijft de plant langer fris. Dit voorkomt houtachtige groei wat de levensduur van Salie aanzienlijk verlengt.

salvia officinalis tricolor

salvia officinalis purpurascens

salvia officinalis icterina

Gebruik in de keuken
Men gebruikt Salie in sauzen en bij vette gerechten (varkensvlees, eend, schaap ….). Ook vette vissoorten houden van dit kruid, en denken we even aan “paling in 't groen”, daar hoort zeker Salie in!
Kruidenazijn en kruidenolie vragen ook om wat Salie. Een ietsje gewaagder misschien maar daarom niet minder lekker: beignets met Salie. Men vermengt de verse salieblaadjes onder het deeg!
Gefrituurde Salieblaadjes worden geserveerd bij pasta's of als garnituur bij koude schotels; ook bij Parmaham met een fris slaatje.
Salie geeft ook de typische smaak aan het Italiaans gerecht “Saltimbocca”.
Ook in smeerkazen en in vulling van varkens- en kalfsvlees gebruikt men Salie.

   
 
Salie (Salvia officinalis) is een oorspronkelijk mediterrane heester die van kalk in de grond houdt en graag warm staat. De planten zijn vorstgevoelig, tijdig beschermen. Na 2 jaar verliest de plant zijn geur, daarom is regelmatig zaaien aan te raden. De planten bloeien schitterend blauw in juni-juli. Vanwege de heerlijke smaak een graag toegepast kruid. Zaaien: in april-mei op een zaaibed, direct in de vollegrond. In mei uitplanten op 40 x 30 cm. In de winter valt een gedeelte van het grijze blad af. Oogst: de blaadjes, Deze kunnen ook gedroogd worden. Toepassing: van ouds medicinaal voor allerlei kwalen. In de keuken bij vlees en vis, in sauzen, kaasgerechten, kruideazijn, wildbraad, peulvruchten, in stoofschotels en bij spruitjes."